Een rode knuffelbeer. UNO-kaarten. Een verzameling speelgoedautootjes. Kleurboeken.
Toen het conflict in Zuid-Libanon op 2 maart escaleerde, moesten honderdduizenden mensen hals over kop hun huizen verlaten. Save the Children vroeg acht van die kinderen om voor een fotoserie één voorwerp te tonen dat ze hadden meegenomen — iets kleins, iets persoonlijks, iets dat hen troost biedt nu thuis ver weg is.
Dit zijn hun verhalen.

V.l.n.r. boven Sarah*, Sama*, Leen*, midden Farah*, Waël*, onder Naya*, Nour* en Tala*.
Sarah* (6) “Ik heb deze rode teddybeer meegenomen omdat ik er zo dol op ben; het was een cadeau van mijn vader. Mijn Teletubbies-speelgoed kon ik niet meenemen. Ik mis mijn speelgoed en de kleren die ik thuis heb moeten achterlaten heel erg.”
Sama* (8) "Ik heb mijn speelgoed meegenomen omdat het me aan thuis doet denken. Ik hoop dat de oorlog snel ophoudt, zodat we terug kunnen naar huis en naar school. Ik mis mijn school, mijn juf en mijn vriendinnen."
Farah* (10) "Ik kon niet veel speelgoed meenemen, alleen deze pop. Ik wil gewoon dat de oorlog ophoudt, zodat we weer naar huis kunnen en ons huis nog net zo aantreffen als vroeger."
Wael* (10) "Mijn speelgoedauto's heb ik mee kunnen nemen. Ze betekenen alles voor me. Als ik me verveel, speel ik ermee. Ik verzamel ze al sinds ik vijf was."
Naya* (6) "Ik heb mijn kleurboek en mijn kleurpotloden meegenomen, zodat ik iets had om mee te spelen; mijn moeder had ze voor mij gekocht. Ik wil heel graag weer naar school, om mijn juf en mijn vriendinnen te zien. En om weer te leren."
Nour* (8) "Ik heb mijn kleurboek, mijn UNO-kaarten en mijn kleren van thuis meegenomen. Ze betekenen zoveel voor me, omdat het cadeautjes waren van mijn mama en papa."
Tala* (10) "Ik heb mijn schrift meegenomen om te leren, en mijn voetbal om mee te spelen. Ik wil gewoon dat de oorlog ophoudt, zodat ik terug kan naar mijn dorp en in mijn eigen bed kan slapen. Ik mis school echt heel erg. Ik wil mijn leraren zien en bij mijn vrienden zijn — weer leren en weer spelen."
Leen* (10) "Ik heb mijn Barbie mee kunnen nemen. Hij betekent zoveel voor me, omdat het een verjaardagscadeau van mijn moeder was. Ik mis mijn dorp, mijn kamer en alles wat we thuis hebben achtergelaten."
Het broze 'staakt-het-vuren' van 16 april bood sommige families even hoop. Wie terugkeerde, trof vaak alleen puin aan. Anderen probeerden spullen op te halen, maar werden door nieuwe Israëlische luchtaanvallen en ontheemingsbevelen opnieuw teruggedreven naar de collectieve opvang.
Wat Save the Children doet en vraagt
Save the Children verzorgt in de collectieve opvangcentra waar de kinderen uit deze fotoserie wonen voedsel- en hygiënepakketten, water, sanitaire voorzieningen en beddengoed. We organiseren onderwijsactiviteiten en bieden psychosociale ondersteuning aan kinderen die zwaar getraumatiseerd zijn.
We roepen de internationale gemeenschap dringend op om te werken aan een permanent en definitief staakt-het-vuren, zodat kinderen worden beschermd tegen verdere schade en gezinnen veilig en in waardigheid kunnen terugkeren. Daarnaast vragen we om flexibele, structurele financiering om in de groeiende basisbehoeften van kinderen en hun families te kunnen blijven voorzien, en het herstel mogelijk te maken.
Save the Children werkt sinds 1953 in Libanon. Samen met lokale partners en autoriteiten leveren we levensreddende hulp in moeilijk bereikbare gebieden in het zuiden, bieden we onderwijs en psychosociale steun aan kinderen, voorlichten we families over de risico's van niet-ontplofte oorlogsresten, en zorgen we voor toegang tot schoon water en sanitair.
Volg hier wat we doen in het Midden-Oosten
*Namen gewijzigd om de identiteit van de kinderen te beschermen.
Bron Lebanon Emergency Situation Report 23, 2026 (WHO) — Inmiddels zijn er 44.800 kinderen onder de circa 125.000 mensen in collectieve opvangcentra.